MEDULLOBLASTOOM EN EPENDYMOOM

 

Deze twee tumoren hebben een andere oorsprong en een ander aspect onder de microscoop, maar de verschijnselen en behandeling lijken erg veel op elkaar, daarom worden ze in een hoofdstuk behandeld. Het medulloblastoom is een tumor die alleen voorkomt in de achterste schedelgroeve, waar zich de hersenstam en de kleine hersenen bevinden. Het ependymoom ontstaat uit de bekleding van de hersenkamers en kan ook in de grote hersenen voorkomen. Het zijn beide tumoren die vooral voorkomen op de leeftijd van kinderen en jonge volwassenen. Het ontstaan is niet duidelijk, maar waarschijnlijk is de neiging om deze tumor te laten groeien aangeboren. De klachten zijn de voor processen in de achterste schedelgroeve typische verschijnselen: hoofdpijn (eventueel met misselijkheid en braken), dubbelzien, onzeker lopen en duizeligheid. Een deel van deze klachten hangt samen met een belemmering van de afvloed van hersenvocht (liquor), door druk op de afvoerwegen. Hierdoor ontstaat een waterhoofd of hydrocefalie. De behandeling bestaat in eerste instantie uit operatie van de tumor, waarbij soms ook de hydrocefalie moet worden behandeld met een z.g. drain (uitwendig of inwendig). Daarna zal radiotherapie volgen en eventueel ook chemotherapie. Bij de keuze van de behandeling speelt de leeftijd van de patiënt een belangrijke rol. De tumoren neigen bij jongere patiënten tot een agressiever beloop. Hoewel in het algemeen uitzaaiing van tumoren van het centrale zenuwstelsel niet gebruikelijk is, kunnen cellen van deze twee genoemde tumoren meegesleept worden met de circulatie van de liquor en zich daarlangs verspreiden. Bij de nabehandeling wordt daar rekening mee gehouden en wordt daarom ook het hele centrale zenuwstelsel, dus inclusief ruggemerg, bestraald.